allochtoon

Alles denkt men

Te kunnen

Zeggen over mij

Wat niet kan

Niet kan ik dat verdragen

Want ik

Ik heb geen olifantenhuid

En ben niet gepantserd als een tank

Om me te verdedigen

Tegen het wapengekletter van het vrije woord

Dat mij de mond snoert en me doet stikken

In mijn al te dunne burka